Post Tagged ‘Morrissey’

h1

Dream On…

27 augustus, 2009

Dromen spreken tot de verbeelding. Iedereen snakt wel ‘ns naar een leuke, romantische of avontuurlijke droom en quasi iedereen staat bezweet en met doodsangst op als hij of zij een nachtmerrie achter de rug heeft. Iedereen zou dromen, tientallen keren per nacht (zo heeft iedere mens los van z’n lichamelijke kenmerken toch nog iets gemeenschappelijks met de anderen). Ze zouden ook hun nut bewijzen, en zouden, zoals ik zag in een documentaire daaromtrent, evolutionair gezien, bestaan om onze overlevingskansen te vergroten en om ons onbewust iets duidelijk te maken: wat we verlangen, wat ons bezighoudt, waarvoor we moeten opletten, wat we moeten mijden, wat we eigenlijk moeten doen.

Spijtig genoeg dromen we niet altijd over wat we graag zouden willen dromen; Dromen waarin we ons perfect thuis voelen en gelukkig voelen. Het gebeurt zelden, en vaak lijken het gewoon levensvreemde en zelfs belachelijke stukjes verbeelding. Morrissey, naar verluidt aseksueel(/biseksueel) en, als we dat mogen afleiden uit z’n lyrics, vrij verbitterd en eenzaam, had een vrij logische droom:

Last night I dreamt
That somebody loved me
No hope, no harm
Just another false alarm

Thom Yorke’s droom is al een stuk mysterieuzer:

They love me like I was their brother
They protect me, listen to me.
They dug me my very own garden
Gave me sunshine, made me happy
Nice dream, nice dream
Nice Dream

I call up my friend the good angel
But she’s out with, her answer-phone.
She says that she’d love to come help but
The sea would electrocute us all
Nice dream, nice dream
Nice dream, nice dream

Die strofe benadert weliswaar beter mijn dromen de laatste tijd. Vreemd, soms zelfs ronduit freaky. Zo droomde ik gisteren dat ik in een pretpark vol loopings rondliep, en warempel, wie zie ik daar? Piet Huysentruyt. Er stonden een hoop mensen rond hem, die elk om beurt opsomden wat ze vandaag geleerd hadden. Ik had niets geleerd.

Eergisteren was de droom een stuk erger. Ik droomde over het klimmen op gevaarlijke rotsen, en over mijn moeder, die hysterisch huilde en schreeuwde om te mogen sterven. De persoon voor haar had een lang geweer vast, maar ik kon hem net tegenhouden.

Als kind droomde ik dat ik met touw vastgebonden was aan een treinspoor. In de verte hoorde ik een imposante stoomtrein in mijn richting razen. Net voor de inslag werd ik bezweet wakker. Ik zocht naar licht in het duister, maar kon ze, verward en in doodsangst, niet vinden. Dan maar mama roepen.

‘Dream on’ zingt Dave Gahan. Maak je geen zorgen, Dave.